Voormalige eilanden in Nederland | Schouwen

“Eilanden hebben iets speciaals. Ze zijn omringd door water. Vanwege het isolement is de sfeer er anders. Bij storm kun je niet weg en anderen kunnen jou niet 1-2-3 bereiken. Een ongerept stukje land midden in het water met een prachtige natuur. Dat biedt volop kansen voor het maken van mooie wandelingen.” Ik kan het niet beter verwoorden dan de auteur van de wandelgids ‘De mooiste eilandwandelingen van Nederland’.

De ondertitel van deze fraai vormgegeven en praktische gids is niet onbelangrijk voor een islomaan als mezelf: 18 wandelroutes op 13 schier- of voormalige eilanden. Tiengemeten, Vlieland en Schiermonnikoog zijn de echte eilanden in de reeks. Ze zijn immers op geen enkele wijze verbonden met het vasteland. Maar het zijn de voormalige eilanden die me het meest intrigeren: Tholen, Sint-Philipsland, Marken, Schouwen-Duiveland, Wieringen, Schokland en Urk. Opgesomde eilanden zijn inmiddels door dam of brug verbonden met het vasteland.
En laat ons ook de kunstmatige eilanden niet vergeten: Neeltje Jans, Roosteren en Stevensweert. Neeltje Jans is wellicht het bekendste. Het werd aangelegd om een tweede watersnoodramp in Nederland te voorkomen. Eilandjes in de rivier de Maas bij Roosteren en Stevensweert ontstonden dan weer door de grindwinning. Lees meer over deze ‘ex-eilanden‘.

In deze aflevering: Schouwen

Aan alle kanten wordt Schouwen-Duiveland omringd door water, maar omdat je er over de weg naartoe gaat, denk je niet direct aan een eiland. Vroeger bestond het uit vier kleine eilanden: Schouwen, Duiveland, Dreischor en Bommenede. Door inpolderingen groeiden de eilanden uiteindelijk aan elkaar tot het grotere Schouwen-Duiveland. De dam tussen Schouwen en Duiveland dateert van 1610.

De wandeling begint bij de 9e-eeuwse ringwalburg van Burgh die de kustbewoners vroeger beschermde tegen de Noormannen. Het volgende markante punt dat je in de verte ziet, is de Plompe Toren: het enige restant van het oude dorp Koudekerke dat in de 17e eeuw in de Oosterschelde verdween. Dat zelfde lot was ook het verderop gelegen dorp Westenschouwen beschoren. Maar dat was volgens een oude sage de schuld van een zeemeerman die zijn vrouw wilde redden. De wrede vissers van Westenschouwen hadden de zeemeermin gevangengenomen en haar met een vissersnet aan de watertoren gebonden waardoor ze stierf. Uit verdriet gooide de zeemeerman wier en zand in de geulen en ondiepten. Het dorp verdween voorgoed in de golven.